• 11 april

    Ik val

    Ik val
    en denk al vallend na.
    Zal ik nog iets roepen, iets van het allergrootst belang
    dat onweerstaanbaar zal weerkaatsen
    tegen een overkant?
    En zal ik nog iets meeslepen in mijn val?
    Ruw en onverwachts?
    Of val ik nergens langs?
    Ik kijk om mij heen.
    Een bloem valt met mij mee. Wat sympathiek!
    Een roos?
    Ik kan haar niet goed zien.
    De zon gaat op,
    de grond verschijnt.
    Nadenkend val ik verder

    Toon Tellegen

    Uit: Er ligt een appel op een schaal, Querido, Amsterdam 1999
    april 11, 2025


  • 10 april

    Nachtvlinders

    Die motten van de nacht, zijn ze volleerd
    in bloemen zoeken die 's nachts opengaan?
    De rups heeft zich voor twee tegoed gedaan.
    De vlinder vast vaak, in zichzelf gekeerd.

    Ze zijn niet zo frivool als men beweert.
    Met saaie, vaal verschoten mantels aan
    willen ze aldoor vliegen naar de maan.
    In zonlicht worden ze tot stof verteerd.

    Voor wie de nacht gekozen heeft, is licht
    een raadselbol waarin hij op wil branden.
    Terwijl wij schemeren, vliegt hij gericht

    naar vuur of lamp. Ik ga op vlinderjacht
    - een vederlicht gefladder in mijn handen -
    en stuur hem veilig naar zijn zwarte nacht.

    Patty Scholten

    In tijdschrift De Tweede Ronde. Jaargang 21.
    G.A. van Oorschot, Amsterdam 2000
    april 10, 2025


  • 9 april

    Op de snelweg

    wij zagen een hond op een terras
    het was ochtend en koud, toch
    was de deur achter hem
    half geopend, naast het huis
    stonden dennen en
    aan de sneeuw op hun takken
    kon je nog zien hoe
    de wind had gehaaid

    het was zondag, een ochtend
    uit zijn en ons leven
    hij stond er zo stil
    als een paard in de wei
    voorbij te gaan

    wij hebben een uur
    of nog langer gezwegen
    toen nam ik papier en ik schreef
    er stond een hond op een terras
    het was ochtend en koud
    en wij snelden voorbij
    op de wegen

    Miriam van Hee
    Uit: De bramenpluk, Bezige Bij, 2002
    april 9, 2025


  • 8 april

    trammelant

    er staat geen reclame op de tram
    maar lichamen zonder hoofd
    misschien is het niet slim
    om in te stappen

    als de tram al met een schok
    in beweging komt, de bocht om vliegt
    moet ik nog kiezen voor een stoel
    die met de graffititekens dan maar

    straks gaan de zwarte knopjes stuk
    dan moet je mee met de smalle bestuurster
    heen en weer, heen en weer, de hele dag lang
    dan wen je wel aan je eigen tramstoel en

    aan de andere reizigers
    met wie je, achteraf, kunt praten
    als met niemand anders
    over die ene dag, die dag in de tram

    Ilse Starkenburg

    Uit: Afspraak met een eiland, Arbeiderspers, Amsterdam 1995
    april 8, 2025


  • 7 april

    LASTIGE MAN

    Als iemand met een klapper door een deur stapt
    en ‘Mevrouw Von der Möhlen’ aankondigt,
    met een vraagteken erin, sta ik op. Tegenwoordig.
    Dat is een van de dingen die je leert in een ziekenhuis.
    Je kunt maar beter getrouwd zijn, ook als je het niet bent.
    Ik reageer ook op varianten, want dat vraagteken
    is er niet voor niets, het is een lastige naam.
    Van Meulen. De Molen. Moelen. Bij alles spring ik
    in het gelid. Soms noemt iemand me samenvattend
    Frankie. Net zo makkelijk. Aan ‘Sterkte, mevrouw Starik’
    probeer ik uit alle macht te wennen.

    Vrouwkje Tuinman

    Gevonden op: https://meandermagazine.nl/2019/10/vrouwkje-tuinman-lijfrente/

    april 7, 2025


  • 6 april

    Voor Ari

    Lieve Ari
    Wees niet bang

    De wereld is rond
    en dat istie al lang

    De mensen zijn goed
    De mensen zijn slecht

    Maar ze gaan allen
    dezelfde weg

    Hoe langer je leeft
    hoe korter het duurt

    Je komt uit het water
    en gaat door het vuur

    Daarom lieve Ari
    Wees niet bang

    De wereld draait rond
    en dat doettie nog lang

    Jules Deelder
    Uit: Renaissance, De Bezige Bij, Amsterdam 1994
    april 6, 2025


  • 5 april

    DRAAK

    Er vliegt een draak langs het raam
    altijd als ik kwaad of bedroefd lig te huilen
    op mijn bed. Vlammen slaan uit zijn
    verschrikkelijke muil vol zwarte tanden,
    er komt een rook achter hem aan

    en ik doe het raam open.
    O Draak zeg ik kom bij mij er is geen gevaar.
    Hij komt mijn kamer ingekropen met zijn
    vreselijke klauwen ieder zo groot als een hand

    en wij omhelzen elkaar en dansen de dans
    die Draken dansen in tijden van oorlog en hij
    schiet er vandoor, een brand in de nacht en ik kijk
    hem na, misschien dat ik weer naar beneden ga.

    Eva Gerlach
    Uit: Hee meneer Eland, Querido, Amsterdam 1999.

    april 5, 2025


  • 4 april

    Het Tuinhuis

    De lentemiddag komt met een groen licht
    Over de daken, met toeters en bellen,
    U altegader in dit huis vertellen
    Dat dromen niet voor praktijk zijn gezwicht.

    Wij samen, doe het zelvende rebellen,
    Verbouwen ieder schuurtje tot gedicht
    Om niet, als u, Muze, in katzwijm ligt
    Het zonder onderdak te moeten stellen.

    Hier, in de achtertuin, snurkten de zagen
    En klopten hamers hard zonder sarcasme
    Op de planken die hoofd en wereld schagen -

    Zij zuchtten, hijgden, zweetten bij het klussen,
    Niet uit vermoeidheid, maar uit enthousiasme
    Voor bouwen en de ruimtezee daartussen.

    Erik Bindervoet

    Uit: Het vuil van de schoonheid,
    De Harmonie, Amsterdam 2015.
    april 4, 2025


  • 3 april

    Iedereen heeft zo z’n voorkeuren

    Neem van de dingen waarvan je niet zo houdt in ieder geval
    een schepje. De een houdt meer van doodbaars dan van levende

    kreeft, de ander is net dol op woordlof of krolse sla-uit-de weg.
    Menslief, je hoeft niet alles met je ogen en oren te verslinden,

    maar aan je kieskeurigheid zijn hoffelijk gesproken grenzen.
    Je kunt niet bijna alles onaangeroerd laten afnemen.

    Neem dus ook dingen ter harte waarop je niet zo dol bent.
    Er zijn natuurlijk onderdelen die je echt niet hoeft te slikken:

    graten, vellen, botjes, zeentjes, knarretjes van gedachte-
    gangen, steeltjes, pitten en steentjes van taalvruchten.

    Het leven smakelijker maken en daaraan werken, aan jezelf,
    aan je eigen leven, en dat van anderen. Het ogenblijk meemaken

    en er volmondig van genieten en het weer laten gaan.
    Boordevolletjes fijn samenzijn. Geen vers nippertje afslaan.

    Vitaal is het bewustzijn van de ondoorgrondelijkheid.

    Mark van Tongele

    Uit: Zonnewater. Uitgeverij P, Leuven 2025.
    april 3, 2025


  • 2 april

    Mijn Lief
    Licht en wind verzamelen zich weer
    tot een wijde blanke morgenstond
    en het ademen gaat op en neer
    van de horizont tot aan de horizont.

    Met haar lichaam dat uit glans bestaat
    loopt mijn lief te baden in het licht,
    deinend op de zachte regelmaat
    van haar schreden in een evenwicht
    aan de rand van tijd en eeuwigheid.

    Alle raadsels openen hun grond
    in haar vorm die door de morgen schrijdt,
    in de glimlach om haar warme mond.

    Verrukking

    Het leven in haar lijf geschiedt
    als waaien dat niet stil kan staan,
    als stralenbundels van de maan,
    die men tot op de grond doorziet
    en nimmer achterhalen kan.
    Haar haren roepen in het licht
    een golfslag van verrukking los,
    zij zamelt in haar handenspan
    goudkorrels vuur en haar gezicht
    onder de blonde harentros
    verliest zijn sterfelijke staat,
    wanneer zij door de morgen gaat.

    Ik kan haar niet in mij verschuilen,
    de woorden breken in mijn mond,
    mijn ogen glimlachen en huilen
    niet te weerhouden, zonder grond.

    Maurits Mok
    Uit: Stormen en stilten, Meulenhoff, Amsterdam 1956
    april 2, 2025

Vorige pagina Volgende pagina

Designed with WordPress